In het topic waar bovenstaande quote uit komt vind je nog meer interessante bijdragen, dus klik gerust door voor meer.Schelpenpaadje schreef: do 28 apr 2016, 15:10 Aan de noordwestkant van Leeuwarden ligt tussen de stad en de vliegbasis een ruimtereservering om de voormalige N383 door te trekken ten noorden van Leeuwarden.
Dit blijkt uit een passage en tekening uit een vergunningsaanvraag voor een nieuwe boerderij in dit gebied:In het landschap zijn er twee planmatige grenzen die de rand van de wijk Westeinde hebben bepaald. Dit is in de eerste
plaats de inmiddels oude rechte gemeentegrens en in de tweede plaats de gedachten om de N383 ten noorden van de stad
in een rechte lijn door te trekken. Dit heeft in de woonwijk ook de groene stadsrand aan de noordzijde gegeven.
Google Maps
In het verlengde van de noordgrens van de wijk Westeinde ligt de rand van de Noorderbegraafplaats. Ga je nog een stukje verder dan kom je uit bij de N357. Het is goed mogelijk dat het tracé van deze weg verder had moeten lopen, langs de na-oorlogse uitbreidingswijken van Leeuwarden, tot de N355 ter hoogte van de kruising met de Anne Vondelingweg.
In combinatie met de tijd waarin Westeinde werd ontwikkeld (jaren '70) is deze ruimtereservering mogelijk bestemd geweest voor de toen nog geplande A9 (E10) tussen de Afsluitdijk en Groningen.
Het voltooien van de stadsring en de geplande rijkswegenstructuur rond de stad hebben decennialang de uitleg van nieuwe wijken beïnvloed. Dat zie je al bij bovenstaande begrenzing van de wijk Westeinde en verderop bij Bilgaard.
Een paar fragmenten uit het document Leeuwarden 1945-1965 (pdf),
uitgegeven door het Gemeentebestuur van Leeuwarden ter gelegenheid van het afscheid van Mr. A.A.M. van der Meulen als Burgemeester op 28 februari 1966:
De invloed van het verkeer wordt (in de jaren '50) belangrijker groter en een gedeelte van de ringweg, die de buitenwijken van de groter wordende stad zal verbinden, gaat mede de opbouw van deze wijk bepalen. Het Europaplein is het eerste verkeersplein van behoorlijk formaat; er is in de wijk een begin te constateren van splitsing tussen typische verkeerswegen en woonstraten. De noodzaak van aparte banen voor het langzame verkeer wordt bij het tracé van de ringweg onderkend.
In welke richting en in welk gebied dit moest gebeuren is een punt van weinig discussie. De bestaande toestand heeft hierbij ongetwijfeld een grote rol gespeeld. Er waren enkele “hoeken” beschikbaar, die door de terreingesteldheid en de aanwezige ruimtebepalende elementen als het ware vanzelf de tegenwoordige bestemming kregen. Steeds is daarbij de ringweg (al of niet gereed) een bindend gegeven, waarmee in de loop der jaren, parallel aan de snelle groei van het verkeer, meer rekening moet worden gehouden.
60 jaar later droomt de gemeente nog steeds over verdiept spoor en passerelles om de scheiding door het spoor te verzachten. In de tussentijd is wel de spoorlijn naar Stiens, waar destijds de stad nog ophield, verdwenen.Zijn de begrenzingen van de groter wordende stad in de regel vrij duidelijk (door grote waterwegen aan de zuidzijde bijv.) en begint de ringweg zich regelmatig verder in het “stadslandschap” af te tekenen, de structuur van de stad is niet zonder gebreken. De doorsnijding door een spoorlijn (in de vorige eeuw naast de stad aangelegd) vormt nog steeds een scheiding tussen de noordelijke en zuidelijke helft, waarvan de bezwaren door de bouw van een Stephensonviaduct en een Zwettetunnel nog maar voor een deel zijn opgeheven.
Over de plannen voor 't Ielân, oftewel de wijken Bilgaard en Lekkumerend (thans Vrijheidswijk):
Mooi dat men spreekt over een voorlopige interlokale functie van de stadsring. De rijksweg ten noorden van deze wijken kwam er niet. Dus de stadsring bleef van interlokaal belang - en dus een barrière tussen de aangrenzende wijken.Daar dit gedeelte van de ringweg ook (voorlopig althans) een belangrijke functie moet vervullen voor het interlokale verkeer, is de ligging (van het Bilgaard vooral) zodanig, dat deze stadsuitbreiding zoveel mogelijk een “eigen leven” moet kunnen
leiden. Winkels, scholen en verdere voorzieningen zullen volledig en, zo mogelijk, tijdig aanwezig moeten zijn, daar de steun van naastliggende bestaande wijken vrijwel niet aanwezig is.
Het document beschrijft ook de wijk Aldlân, waarvan de wijk een vergelijkbare meer autonome opzet kreeg met eigen voorzieningen centraal in de wijk. Dit in tegenstelling tot de oudere wijken die meer organisch ontstonden en waarbij belangrijke verkeerswegen nog minder een fysieke grens tussen wijken vormden.
Bij het opstellen van dit document was de Drachtsterweg naar het zuiden nog slechts met potlood getekend:
Het rapport beschrijft dat bij toekomstige uitbreiding de zuidelijk gelegen dorpen een eigen karakter dienen te behouden, maar:Een nieuw “nog niet geheel vastgelegd” element is een tweede verbinding over het Van Harinxmakanaal in zuidoostelijke richting, waarbij gedacht is aan een directe verbinding met Drachten.
De noordelijke E10 kwam er nooit. De min of meer vervangende zuidelijke N31 begint inmiddels de nieuwe begrenzing van de stad te worden, nu het gebied binnen de Haak langzaam wordt volgebouwd.Als eerste fase voor verdere uitbreiding toont het kaartbeeld van het structuurplan een groei in oostelijke richting, waarbij het Van Harinxmakanaal en een nieuwe E 10-weg de zuidelijke en noordelijke begrenzing vormen. In een latere fase moet worden gedacht aan een overschrijding van het kanaal met grote woongebieden die ten zuiden van Goutum zijn geprojecteerd.
De plannen vormen opeenvolgende fasen en houden rekening met bestaande of te verwachten ontwikkelingen in de nabijheid van het stadsgebied. Zo vormt een mogelijk tracé voor de verkeersweg van de Afsluitdijk naar Groningen een noordelijke
grens. De aanwezige vliegbasis is een belemmering voor een verdere groei in noordelijke richting. De westelijke beëindiging wordt gevormd door het ontworpen woongebied Westeinde en de reeks aanwezige of nog aan te leggen industrieterreinen. De oostzijde wordt begpaald door de grens met de gemeente
Tietjerksteradeel.
Over de keuze van het type verharding door de jaren heen:
Ook voor wegen buiten de stadsgrenzen meldde men halverwege de jaren '60 de nodige verbeteringen:Klinkers in woonstraten bleven hoofdzaak, ook in de nieuwe wijken. Daar gebakken klinkers schaars en duur waren, werden ook in Leeuwarden vrij spoedig de z.g. betonklinkers toegepast. Deze hadden bovendien het voordeel, dat ze dichter gestraat konden worden vanwege hun grotere gelijkvormigheid, waardoor smallere voegen gemaakt konden worden. De grotere uitbreidingsplannen in het westen, het oosten en het zuidwesten van de stad werden nog alle uitgevoerd met klinkerbestratingen. Zelfs in het uitbreidingsplan Lekkumerend werden in de straten nog klinkers toegepast. Pas in het uitbreidingsplan Bilgaard zijn de klinkerstraten vervangen door asfaltstraten; aanleiding hiertoe was o.m. het feit, dat het bij de grote uitbreidingen van de laatste jaren bijna onmogelijk zou zijn voldoende straatmakers aan te trekken, om zowel de straataanleg als het onderhoud aan bestaande bestratingen voldoende vlot te doen uitvoeren. (...) Door de ruimere toepassing van asfalt konden in de omgeving vaste asfaltinstallaties komen; mede daardoor is de prijs van een asfaltweg aanmerkelijk lager geworden
Bron: Historisch Centrum LeeuwardenRijksweg 32, vanuit het zuiden, kreeg vanaf Akkrum een geheel nieuw tracé, terwijl het gedeelte vanaf de Werpsterhoek tot Goutum gescheiden rijbanen kreeg. Momenteel is in uitvoering de verbetering van Rijksweg 9, vanuit het westen, waarbij eveneens gescheiden rijbanen zullen worden gemaakt. Rijksweg 39 vanuit het oosten, is in de loop der jaren reeds belangrijk verbeterd, maar men is nu bezig, zij het nog niet op het grondgebied van de gemeente Leeuwarden, met een zodanige verbetering, dat ook hier een weg met gescheiden rijbanen op de stad zal aansluiten. Van gemeentewege werd de weg Goutum-Warga tot de gemeentegrens verbeterd in de jaren ‘50/’52; in 1964 werd langs deze weg een rijwielpad aangelegd.
Belangstellenden in de infrastructuur en naoorlogse historie van Leeuwarden kan ik aanbevelen het hele document (213 pagina's) te lezen.
